Navigeer dropdown

Beschrijving toevoegen

      

Opgelet!

Werk boven een brandvaste ondergrond. Zorg dat er een branddeken en brandblusser in de buurt aanwezig is.

Als er brandende vloeistof op de brandvaste (!) ondergrond morst, laat dit gewoon uitbranden. Dit dooft vanzelf.

Wat heb je nodig?

  • mengsel van 50% water en 50% alcohol (isopropanol of ethanol)
  • maatbeker
  • tang
  • lucifer of aansteker
  • kaars
  • veiligheidsbril
  • brandwerende handschoenen
  • biljet van vijf of tien euro (of meer als je durft!). Je kan ook een stukje gewoon papier gebruiken
  • bakje met water
img

Aan de slag!

Stap 1:
Dompel het bankbiljet in een maatbeker met het water-alcohol-mengsel.

Stap 2:
Steek de kaars aan met een lucifer of aansteker.

Stap 3:
Haal het doorweekte biljet met een tang uit het mengsel.

Stap 4:
Hou het biljet even in de kaarsvlam.

Stap 5:
Als het biljet blijft branden, steek het dan snel in een bakje met water.

 

img
img

Wat gebeurt er?

De alcohol rondom het biljet gaat aan het branden. Als het vuur dooft, is het biljet bijna weer droog.

Hoe zit dat?

Papier brandt pas bij een voldoende hoge temperatuur (ongeveer 230°C), terwijl alcoholen al bij een veel lagere temperatuur kunnen branden. Alcoholen hebben dan ook een erg laag vlampunt, voor ethanol is dat 12°C. Het vlampunt is de laagste temperatuur waarbij een stof nog voldoende damp afgeeft om te kunnen ontbranden wanneer er een vlam of vonk in de buurt gebracht wordt. Omdat het vlampunt van alcoholen een pak lager is dan de normale kamertemperatuur, worden die stoffen licht ontvlambaar genoemd.

 Toch kan de temperatuur van brandende alcohol erg oplopen. Daarom wordt in dit experiment een mengsel van alcohol en water gebruikt. Water heeft een hoge soortelijke warmte en kan dus veel warmte opnemen zonder dat de temperatuur ervan veel stijgt. Het water in het mengsel neemt dus een grote hoeveelheid van de geproduceerde warmte op. Een deel van het water zal ook verdampen door de stijgende temperatuur. Op die manier onttrekt het warmte aan het briefje. Het water zorgt er dus voor dat de temperatuur van het geldbriefje lager blijft dan de ontstekingstemperatuur van papier.

 De verhouding ethanol t.o.v. water is erg belangrijk in dit experiment. Als je een mengsel gebruikt met een hoger percentage alcohol, kan het zijn dat het stukje stof toch beschadigd raakt, omdat het water niet genoeg warmte kan afvoeren.

 

Ben je leerkracht? Klik dan op onderstaande knoppen om te ontdekken hoe dit proefje in jouw lessen past.

 

Deze proef kan gebruikt worden als demo in de derde graad van het secundair onderwijs.

In het educatief pakket 'Hoe zit dat?!' ontdek je hoe je dit proefje kan integreren in je lessen.

Dit proefje kan gebruikt worden om volgende vakgebonden eindtermen binnen de vakken ‘Natuurwetenschappen’ en 'Chemie' te helpen realiseren:

  • C7 De leerlingen kunnen koolstofverbindingen aan de hand van een gegeven structuurformule of naam toewijzen aan een stofklasse met behulp van een determineertabel;
  • C18 De leerlingen kunnen van ethanol een typische toepassing of eigenschap aangeven.

Ben je bezoeker, leerkracht of geïnteresseerd in evenementen? Switch hier naar een aanbod op maat.