Technopolis is open
Van 9u30 tot 17u00
slide

Prik een ballon zonder aanraken ...

... met een sinaasappel!

Klinkt ongeloofwaardig, toch? Het ‘sap’ uit de schil van een sinaasappel kan een ballon doen springen. Het lijkt wel tovenarij, maar is chemisch perfect te verklaren.

      

Wat heb je nodig?

  • Sinaasappel
  • Keukenmesje
  • Ballon van natuurlijk rubber (vb waterballon)

 

Aan de slag!

Stap 1: Was je handen grondig en blaas de ballon op (raak de sinaasappel nog niet aan)

Stap 2: Snij een stukje schil van de sinaasappel

Stap 3: Knijp de schil dubbel in de buurt van de ballon (de oranje kant richting ballon)

img
img

Wat gebeurt er?

De ballon ontploft wanneer de olieachtige druppeltjes uit de sinaasappelschil het rubber aanraken. 

Hoe zit dat?

In de schil van sinaasappels zit het stofje ‘limoneen’ (C10H16): een olieachtige substantie die heerlijk naar sinaasappels ruikt. Limoneen is slecht oplosbaar in water, zoals meestal het geval is bij oliën, maar goed oplosbaar in andere koolwaterstoffen. 

Ballonnen worden gemaakt van rubber, ook een koolwaterstof. Wanneer de limoneen-olie het rubber raakt, lost een klein beetje van het ballonrubber op in het limoneen. Daardoor wordt de ballon plaatselijk zwakker en springt hij. 

Opgelet: dit proefje werkt niet met alle ballonnen. Ook dat heeft te maken met chemie. Rubber is een polymeer en bestaat dus uit lange aaneenschakelingen van steeds dezelfde molecule. In natuurlijk rubber kunnen die strengen heel makkelijk van elkaar gescheiden worden. Dat maakt het makkelijk om natuurlijk rubber op te lossen in een oplosmiddel zoals limoneen. 

Door rubber te vulkaniseren, veranderen ballonfabrikanten die eigenschap. Tijdens het vulkaniseren wordt er zwavel toegevoegd aan het rubber. Daardoor worden er verbindingen gemaakt tussen de verschillende rubberstrengen (cross-links). Dat maakt het veel moeilijker om de strengen van elkaar te scheiden. Gevulkaniseerd rubber lost dus veel moeilijker op en zulke ballonnen blijven langer heel. Waterballonnen zijn meestal wél van natuurlijk rubber gemaakt, omdat het juist leuk is als die snel kapot gaan!

Ben je leerkracht? Kijk dan hieronder hoe dit proefje in jouw lessen past.

Leerlingen uit het lager onderwijs kunnen dit proefje zelf doen.

Dit proefje kan gebruikt worden om volgende vakgebonden eindtermen binnen het vak ‘Wetenschappen en techniek’ te helpen realiseren:

  • 1.3 De leerlingen kunnen in een beperkte verzameling van organismen en gangbare materialen gelijkenissen en verschillen ontdekken en op basis van minstens één criterium een eigen ordening aanbrengen en verantwoorden;
  • 1.14 de leerlingen kunnen van courante materialen uit hun omgeving enkele eigenschappen aantonen. 

Ben je bezoeker, leerkracht of geïnteresseerd in evenementen? Switch hier naar een aanbod op maat.