Navigeer dropdown

De vzw Flanders Technology International (F.T.I) is erfpachthouder van een terrein van circa 15 hectare nabij de Technopolis-site in Mechelen, dat gelegen is ten zuidwesten van de kern van Mechelen.

De bestemming van de gronden die deel uitmaken van de erfpacht (circa 15 hectare) wordt geregeld door diverse bestemmingsplannen:

  • Percelen kad. afd. 3, sectie E, nrs. 710, 712A, 709D, 716A, 695C (deel), 719B, 714A (deel), 715A, 721A, 722, 737A, 723, 735A, 734A worden bestemd voor “gebied voor stedelijke ontwikkeling” volgens deelplan (nr. 5) “Specifiek regionaal bedrijventerrein Technopolis” horende bij het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan “Afbakening regionaal stedelijk gebied Mechelen”
  • Percelen kad. afd. 3, sectie E, nrs. 710 (deel) en 712A (deel) worden in voormeld GRUP bestemd als “bufferzone” (art. 5.2).
  • De percelen 713D en 714A (deel) zijn volgens het Gewestplan Mechelen (KB 5 augustus 1976) gelegen in een gebied bestemd voor “gemeenschapsvoorzieningen en voorzieningen van openbaar nut”.
  • De percelen ten zuiden van dit gebied liggen in een gebied dat door voormeld Gewestplan Mechelen bestemd wordt als “bufferzone”.
  • Een beperkt deel van de percelen aan de oostrand van de erfpacht, palende aan de woonwijk, zijn gelegen in het gebied dat door voormeld Gewestplan wordt bestemd als “woongebied”.

Deze marktbevraging beoogt de eventuele ontwikkeling van het gebied waarop deelplan (nr. 5) “Specifiek regionaal bedrijventerrein Technopolis” (horende bij voormeld GRUP) van toepassing is. Dat gebied wordt in voormeld deelplan bestemd als “gebied voor stedelijke ontwikkeling”. Het ligt ten zuiden en westen van de huidige Technopolis-site en heeft een totale oppervlakte van circa 8 hectare. Deze zone overlapt deels met de bestaande parking en deels met de groenbuffer ter hoogte van de E-19. Een en ander kan worden geïllustreerd aan de hand van de onderstaande luchtfoto. Daarop worden de grenzen van de erfpacht indicatief aangeduid door middel van blauwe lijnen. Het gebied voor stedelijke ontwikkeling wordt indicatief aangeduid in groen.

Hieronder wordt het grafisch plan uit het bovenvermelde GRUP “Afbakening regionaal stedelijk gebied Mechelen” weergegeven. De donkerrood gekleurde zone is gebied voor stedelijke ontwikkeling, waarin het voorwerp van de marktbevraging gelegen is. De groen gearceerde zone betreft een overdruk met een bufferzone ten opzichte van het aangrenzende woongebied.

Op het gebied dat door het GRUP wordt bestemd voor stedelijke ontwikkeling zijn de volgende verordenende stedenbouwkundige voorschriften van (deelplan nr. 5 van) het GRUP van toepassing:

Artikel 5.1. Gebied voor stedelijke ontwikkeling

Art. 5.1.1. Het gebied is bestemd voor personeelsintensieve en bezoekersintensieve activiteiten, openbare groene en verharde ruimten.

Ook verwante voorzieningen zijn toegelaten, zoals:

- horeca;

- openbare en private nutsvoorzieningen en diensten;

- gemeenschapsvoorzieningen;

- sociaal-culturele inrichtingen;

- recreatieve voorzieningen

voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

De volgende activiteiten zijn niet toegelaten:

- grootschalige kleinhandel

Art. 5.1.2. Bij de inrichting van het gebied moet voldaan worden aan volgende algemene inrichtingsprincipes:

- Zorgvuldig ruimtegebruik;

- Ruimtelijke samenhang van het hele gebied;

- Architecturale kwaliteit van de gebouwen;

- Kwalitatieve inrichting van het openbaar domein met zorg voor de wijze van ontsluiting en inrichting van de terreinen en gebouwen, voor het parkeren en voor voldoende groene ruimtes;

- Het bouwen in meerdere lagen waar de activiteit dit toelaat;

- Parkeren wordt maximaal gegroepeerd of geïncorporeerd in de gebouwen, daar waar het beheer dit toelaat

Art. 5.1.3. Inrichtingen voor de huisvesting van bewakingspersoneel van maximaal 200m² vloeroppervlakte, geïntegreerd in het bedrijfsgebouw, zijn toegelaten.

Art. 5.1.4. Bij vergunningsaanvragen voor nieuwe gebouwen wordt een inrichtingsstudie gevoegd. De inrichtingsstudie is een informatief document voor de vergunningverlenende overheid met het oog op het beoordelen van de vergunningsaanvraag in het kader van de goede ruimtelijke ordening en de stedenbouwkundige voorschriften voor het gebied.

De inrichtingsstudie geeft ook aan hoe het voorgenomen project zich verhoudt tot wat al gerealiseerd is in het gebied en/of tot de mogelijke ontwikkeling van de rest van het gebied. De inrichtingsstudie maakt deel uit van het dossier betreffende de aanvraag van stedenbouwkundige vergunning en wordt als zodanig meegestuurd aan de adviesverlenende instanties overeenkomstig de toepasselijke procedure voor de behandeling van de aanvragen.

Elke nieuwe vergunningsaanvraag kan een bestaande inrichtingsstudie of een aangepaste of nieuwe inrichtingsstudie bevatten.

Art. 5.1.5. Tot een vergunning verleend is voor de realisatie van de bestemming zijn per perceel de handelingen, voorzieningen en inrichtingen toegelaten die nodig of nuttig zijn voor de landbouwbedrijfsvoering van landbouwbedrijven, met uitsluiting van het oprichten van gebouwen en vergelijkbare constructies.

Art. 5.1.6. Het gebied wordt via de terreinen van het complex Technopolis gebundeld ontsloten op het rond punt langs de B101. Individuele erfontsluitingen op deze weg zijn niet toegelaten, behoudens voor toegang naar laad- en loszone en t.b.v. de hulpdiensten.

Art. 5.1.7. Binnen een gebied van 30m langs de N1 geldt een verbod om vergunningsplichtige gebouwen en constructies op te richten behalve werken,

handelingen en wijzigingen voor leidingen, telecommunicatie infrastructuur, lokaal openbaar vervoer, lokale dienstwegen en paden voor niet-gemotoriseerd verkeer.

In afwijking van de paragraaf hierboven zijn werken, handelingen en wijzigingen aan bestaande bebouwing en constructies toegelaten, voor zover ze in overeenstemming zijn met de stedenbouwkundige voorschriften van dit gebied. Bij onteigening wordt bij het bepalen van de vergoeding geen rekening gehouden met de waardevermeerdering die uit die werken en handelingen voortvloeit.

Art. 5.1.8. Bij de aanleg van het terrein moet het waterbergende vermogen van het gebied zo veel mogelijk worden behouden en het overstromingsrisico worden beperkt. Omwille van de watergevoeligheid van dit gebied, dient hier specifieke aandacht aan te worden besteed.

Op het gebied dat dient als bufferzone ten opzichte van het aangrenzende woongebied zijn de volgende verordenende stedenbouwkundige voorschriften uit (deelplan nr. 5 van) het GRUP van toepassing:

Art. 5.2. Buffer

Tussen het gebied en het aangrenzende woongebied wordt in een buffer voorzien. De buffer moet voldoen aan de voorwaarden van visuele afscherming, geluidsafscherming, landschappelijke inpassing en afstand.

De buffer wordt beplant met streekeigen struiken en hoogstammige bomen met het oog op het bufferen van de bedrijfsactiviteiten ten opzichte van de aanliggende functies.

Alleen werken en handelingen met het oog op de aanleg en het onderhoud van de buffer zijn toegelaten.

Uiterlijk in het plantseizoen dat volgt op het verlenen van een stedenbouwkundige vergunning, na de inwerkingtreding van dit ruimtelijk uitvoeringsplan, moet de zone voor buffer aangelegd en beplant zijn.

Op grond van de erfpachtovereenkomst (gesloten met het Vlaamse Gewest) heeft F.T.I de mogelijkheid om op bovenvermeld gebied voor stedelijke ontwikkeling een persoonlijk dan wel een zakelijk recht (zoals ondererfpacht, vruchtgebruik, opstal) ten voordele van een derde te vestigen, voor zover dit binnen de grenzen van haar eigen recht gebeurt.

DOEL MARKTBEVRAGING

F.T.I wenst aan de hand van dit document partijen uit te nodigen met interesse in de ontwikkeling van een deel van bovenvermeld gebied voor stedelijke ontwikkeling. Meer bepaald betreft het hier vijf percelen van elk ongeveer een hectare, zoals afgebakend op onderstaand indicatief plan. Geïnteresseerde partijen kunnen hun belangstelling voor een of meer van deze percelen laten blijken.

Geïnteresseerde partijen worden gevraagd hun voorstel tot ontwikkeling van het betrokken gebied voor stedelijke ontwikkeling uiteen te zetten, rekening houdend met de hieronder vermelde criteria voor toewijzing. Ook wordt gevraagd om de door F.T.I opgestelde vragen te beantwoorden. F.T.I zal op basis van deze informatie gesprekken opstarten met een of meer geïnteresseerde partijen met het oog op het optimaliseren van de te maken contractuele afspraken, daarin begrepen een hertekening van de verdeling in percelen.

Voor zoveel als nodig wordt benadrukt dat deze marktbevraging geen overheidsopdracht is of initieert. Zodoende zal ook de eventuele keuze van F.T.I, na afloop van de marktbevraging, om met een bepaalde partij te contracteren, geenszins als (een beslissing met betrekking tot) een overheidsopdracht kunnen worden beschouwd. Deze marktbevraging gebeurt uitsluitend ter waarborg van de transparantie en de gelijkheid tussen eventuele geïnteresseerde partijen.

F.T.I heeft het volstrekte recht om na de marktbevraging niet tot ontwikkeling van het betrokken gebied over te gaan of om over te gaan tot een niet-bevraagde vorm van ontwikkeling van dit gebied.

Eventuele deelname aan de marktbevraging doet geen rechten ontstaan in hoofde van deelnemers, noch doet dit plichten ontstaan in hoofde van F.T.I waarop deelnemers zich kunnen beroepen.

CRITERIA VOOR TOEWIJZING

  1. Deze wordt berekend per m², op basis van een jaarlijkse vergoeding
  2. Complementariteit met de doelstellingen van F.T.I vzw en Technopolis NV inzake educatie, informatie en recreatie: hoe vult het project de activiteiten van F.T.I en Technopolis aan, hoe kan het deze ondersteunen?
  3. Commerciële synergiën met F.T.I/Technopolis, anders dan de loutere betaling van een vergoeding
  4. Impact op de ruimtelijke ordening, inclusief ecologische duurzaamheid
  5. Impact op mobiliteit, rekening houdende met het bestaande mobiliteitsplan.

BIJKOMENDE VRAGEN

  1. Verduidelijk de solvabiliteit van de onderneming, met name aan de hand van de jaarrekeningen van de laatste drie boekjaren
  2. Geef aan binnen welk tijdsbestek uw ontwikkelingsvoorstel kan worden gerealiseerd en of er al dan niet sprake zal zijn van een gefaseerde ontwikkeling.
  3. Geef referenties met betrekking tot de realisatie van gelijkaardige projecten, inclusief een beknopte omschrijving van elk van de gerealiseerde projecten.
  4. Welke zakenrechtelijke structuur acht u mogelijk en/of aangewezen ter realisatie van uw ontwikkelingsvoorstel, rekening houdend met de mogelijkheden van F.T.I op grond van haar erfpachtovereenkomst met het Vlaams Gewest (zie hierboven)?
  5. Geef een (eerste) overzicht van de kosten die het ontwikkelingsvoorstel met zich meebrengt
  6. Duid de technische haalbaarheid van uw ontwikkelingsvoorstel en geef uw visie omtrent het beheer van het project.

De volgorde van deze vragen kan niet worden beschouwd als een indicatie van hun respectievelijk belang bij de keuze van de partij of partijen waarmee verdere gesprekken zullen worden aangeknoopt.

ADRES EN ANTWOORDTERMIJN

Geïnteresseerde partijen worden gevraagd om hun antwoorden op bovenstaande vragen uiterlijk op 29 april 2017 om 14 uur in te dienen :

  • in papieren vorm: F.T.I, Technologielaan, 2800 Mechelen
  • en via mail: directie@technopolis.be.

Als contactpersoon vermeldt u Ingrid Letellier.

De identiteit van de geïnteresseerde partij moet duidelijk worden vermeld, evenals het post- en e-mailadres en een eventuele contactpersoon van deze partij.

Ben je bezoeker, leerkracht of geïnteresseerd in evenementen? Switch hier naar een aanbod op maat.