Is het een egel, een mol of een Pokémon?

Maak kennis met tenreks! Sommigen hebben wat weg van een egel, terwijl andere dan weer eerder op een spitsmuis of een mol lijken. En dan zijn er nog soorten die net een Pokémon zijn, zo uniek dat je ze met niets op aarde kunt vergelijken.
Tenrec3

Tenreks zijn endemisch’. Dat wil zeggen dat ze maar op één plaats ter wereld voorkomen. Wil je één van de 31 soorten tenreks spotten in het wild? Dan moet je naar Madagascar, een prachtig eiland in de Indische Oceaan. 

Géén egels

Dit is de grote egeltenrek. Hij heeft stekels. En ja, hij kan zich oprollen tot een bolletje. En tóch is hij geen — we herhalen: géén — familie van de egel. Hun laatste gemeenschappelijke voorouder leefde zo’n 160 miljoen jaar geleden, daarna splitsten de evolutionaire lijnen zich op. In feite behoren de tenreks tot de superorde Afrotheria’ met daarin verschillende zoogdieren die in Afrika ontstonden. Ze zijn dus nauwer verwant aan de olifant dan aan de egel.

Convergente evolutie

Hoe komt het dan dat tenreks toch zoveel op egels, mollen en spitsmuizen lijken? Het antwoord is convergente evolutie’. Dat wil zeggen dat diersoorten die niet nauw verwant zijn, toch dezelfde kenmerken kunnen ontwikkelen omdat hun leefomgeving en omstandigheden (bv. voedsel, roofdieren) gelijkaardig zijn. 

In het geval van de tenreks zou dit dus betekenen dat ze op Madagaskar te maken kregen met een leefomgeving en omstandigheden die vergelijkbaar waren met die van egels, mollen en spitsmuizen in andere delen van de wereld. Als reactie daarop ontwikkelden ze dezelfde kenmerken. Zo hebben zowel de egel als de egeltenrek stekels om zich te beschermen tegen roofdieren, of hebben zowel de mol als de mol-achtige rijsttenrek sterke voorpoten om hun ondergrondse holen te graven.

De gestreepte tenrek

Een soort tenrek waar we graag nog even de spots op richten is de gestreepte tenrek. Hoewel hij niet zo groot is (maar zo’n 15 cm), laat hij zich wél opvallen door zijn stekelkuif en de zwart-gele strepen op zijn rug. De gestreepte tenrek gebruikt sommige van zijn stekels — namelijk die op zijn onderrug – om te communiceren. Als hij ze tegen elkaar wrijft, maken ze een (voor mensen onhoorbaar) ultrasoon geluid. Mogelijk leidt het dier daarmee zijn jongen door het dichte struikgewas. Zijn andere stekels gebruikt de gestreepte tenrek dan weer om zich te verdedigen. Hij zet de stekels omhoog en springt naar potentiële roofdieren om ze weg te jagen. Niet te dicht komen dus!

Bron: