Stap voor stap
Je leerlingen nemen in groepjes van 4 deel aan een uniek coöperatief gezelschapsspel. Niet zozeer geluk, wel kennis over diverse aspecten van cybersecurity vereffent stap voor stap het pad naar een veilige digitale omgeving aan de eindmeet. Onderweg bestookt een hacker hen met extra uitdagingen.
Interactie en spanning troef
Tijdens het spel introduceren we aan de hand van quizvragen tal van termen en concepten op het vlak van cybersecurity. De speelse uitdagingen vormen een leuke manier om jongeren te laten kennismaken met een aantal tools en vaardigheden die belangrijk zijn in de strijd tegen cyberaanvallen.
Waarom deelnemen?
Via deze workshop proberen we je leerlingen bewust te maken van het belang van cybersecurity. Terwijl de risico’s van desinformatie, spionage en cyberaanvallen toenemen, dreigt er een tekort aan ICT-profielen. Hoe meer jongeren we kunnen bewustmaken en inspireren, hoe meer kans op een veilige digitale omgeving voor iedereen.
Wat moet je zeker weten?
€370 in jouw school
Extra lesmateriaal
Hiermee kan je na de workshop ook in de klas aan de slag met het thema cybersecurity:
Ook op school
We trekken met heel wat workshops (en shows) ook rechtstreeks naar jouw school. De workshop Cyber(s)pionnen is er daar één van.
Met dank aan Cybermacht
Cybermacht is verantwoordelijk voor de cyberveiligheid van de netwerken en wapensystemen die Defensie gebruikt, voor het verzamelen van informatie ten voordele van de Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), en voor het uitvoeren van operaties in cyberspace. Samen met verschillende nationale en internationale spelers, de academische‑, industriële- en verenigingswereld draagt het dagelijks bij aan de cyberveiligheid van het land.
Deze workshop helpt je volgende minimumdoelen afvinken
A‑stroom
Nederlands
- 02.02 De leerlingen beoordelen doelgericht informatie op betrouwbaarheid, correctheid en bruikbaarheid bij het lezen en luisteren.
- 02.03 De leerlingen selecteren relevante informatie bij het lezen en beluisteren van teksten.
- 02.05 De leerlingen spreken en schrijven doelgericht.
- 02.07 De leerlingen nemen doelgericht deel aan mondelinge en schriftelijke interactie.
- 02.09 De leerlingen zetten eerder en nieuwverworven woordenschat in ter ondersteuning van hun communicatieve handelingen.
- BG02.01 De leerling haalt bij het lezen en luisteren doelgericht het onderwerp en relevante informatie uit niet-fictionele teksten.
- BG02.03 De leerling neemt doelgericht deel aan eenvoudige mondelinge en schriftelijke interactie.
Wiskunde, natuurwetenschappen, technologie, STEM
- 06.39 De leerlingen werken op een veilige en duurzame manier met materialen, stoffen, organismen en technische systemen.
- 06.40 De leerlingen gebruiken met de nodige nauwkeurigheid meetinstrumenten en hulpmiddelen.
- 06.44 De leerlingen illustreren de wisselwerking tussen wetenschappen, technologie, wiskunde en de maatschappij aan de hand van maatschappelijke uitdagingen.
Digitale competenties
- 04.04 De leerlingen passen ethische, sociale en legale regels toe bij het gebruiken van digitale technologie.
Leercompetenties
- 13.01 De leerlingen reflecteren over het eigen leerproces en sturen het doelgericht bij.
- 13.02 De leerlingen zetten (meta)cognitieve leer- en regulatiestrategieën in om zich leerinhouden eigen te maken.
- 13.03 De leerlingen gebruiken school- en vaktaal.
- 13.04 De leerlingen zoeken doelgericht informatie in diverse bronnen en verwerken die op een kritische en systematische manier.
B‑stroom
Competenties in het Nederlands
- 02.01 De leerlingen bepalen het onderwerp, de hoofdgedachte en de hoofdpunten bij het doelgericht lezen en beluisteren van teksten.
- 02.03 De leerlingen selecteren relevante informatie bij het lezen en beluisteren van teksten.
- 02.04 De leerlingen spreken en schrijven doelgericht in eenvoudige communicatieve situaties.
- 02.06 De leerlingen nemen doelgericht deel aan eenvoudige mondelinge en schriftelijke interactie.
- 02.08 De leerlingen zetten eerder en nieuwverworven woordenschat in ter ondersteuning van hun communicatieve handelingen.
- BG02.01 De leerling haalt bij het lezen en luisteren doelgericht het onderwerp en relevante informatie uit niet-fictionele teksten.
- BG02.02 De leerling spreekt en schrijft doelgericht in eenvoudige communicatieve situaties.
- BG02.03 De leerling neemt doelgericht deel aan eenvoudige mondelinge en schriftelijke interactie.
Wiskunde, natuurwetenschappen, technologie, STEM
- 06.24 De leerlingen werken op een veilige en duurzame manier met materialen, organismen, stoffen en technische systemen.
- 06.25 De leerlingen gebruiken met de nodige nauwkeurigheid meetinstrumenten en hulpmiddelen.
- 06.28 De leerlingen ontwerpen een oplossing voor een probleem door wetenschappen, technologie of wiskunde geïntegreerd aan te wenden.
- BG06.03 De leerling gebruikt informatie uit eenvoudige tabellen en diagrammen in betekenisvolle contexten.
Digitale competenties
- 04.04 De leerlingen passen ethische, sociale en legale regels toe bij het gebruiken van digitale technologie.
Leercompetenties
- 13.01 De leerlingen reflecteren over het eigen leerproces en sturen het doelgericht bij.
- 13.03 De leerlingen gebruiken school- en vaktaal.
