Technopolis is terug open! Om ons te bezoeken heb je een online ticket en/‚Äčof een registratiebevestiging nodig. Vergeet ook je mondmasker niet!
Meer info
Technopolis is gesloten
Vlammen in kleuren 2

Vlammen in kleuren

Ontdek het verschil tussen een volledige en onvolledige verbranding
Kan je de kleur van een vlam veranderen door de hoeveelheid zuurstof te veranderen?

Opgelet

Doe dit proefje onder toezicht van een volwassene.

Wat heb je nodig?

  • bunsenbrander
  • gastoevoer
Vlammen in kleuren

Aan de slag!

We gaan het principe van een volledige en onvolledige verbranding aantonen.

Stap 1: Sluit de bunsenbrander aan op de gastoevoer.

Stap 2:
Draai de luchttoevoer van de bunsenbrander dicht en steek de bunsenbrander aan.

Stap 3:
Je kan nu experimenteren met de luchttoevoer. Draai ze iets meer open, volledig open of laat ze volledig dicht.

Wat gebeurt er?

Met de luchttoevoer gesloten krijg je een gele vlam. Zet je de luchttoevoer volledig open, dan krijg je een blauwe vlam.

Vlammen in kleuren 3
Vlammen in kleuren 2

Hoe zit dat?

Wanneer de luchttoevoer volledig gesloten is, zie je een gele vlam. Dit is een gevolg van onvolledige verbranding. De temperatuur van deze vlam is relatief laag. Een gele vlam is ideaal om de bunsenbrander te laten branden, zonder dat je ermee aan het werk gaat. Wanneer je iets verwarmt met een gele vlam, zal er roet ontstaan. Wanneer de luchttoevoer geopend wordt, krijg je een hete, blauwe vlam. Hier is nagenoeg geen roetontwikkeling. De verbranding is volledig en er ontstaat CO₂ en water. Dat maakt methaan een van de schoonste fossiele brandstoffen. Het topje van de vlam is het warmst en kan temperaturen tot meer dan 1500°C bereiken.

Aardgas bestaat hoofdzakelijk uit methaan. Afhankelijk van waar het aardgas gewonnen werd, zitten er nog andere gassen, zoals stikstof en CO₂ , in het gasmengsel. Er wordt ook een geurstof aan aardgas toegevoegd, zodat lekken sneller opgemerkt worden.

Ben je leerkracht? Klik dan op onderstaande knoppen om te ontdekken hoe dit in jouw lessen past.

1e graad SO
2e & 3e graad SO

Praktische info